‘Kom mee naar buiten allemaal, dan zoeken wij de wie-hie-le-he-waal’, klinkt het liedje van vroeger. Op de vrije school van mijn kinderen wordt het bij hun koorles nog steeds uit volle borst gezongen, en is het de spijker op de kop, om meerdere redenen.
De Wielewaalman is onmiskenbaar geel met zwarte vleugels, met een zwart oog, zwarte teugel en een rode snavel. Dan zou je toch zeggen dat hij opvalt. Niets is echter minder waar, want hoewel hij qua formaat ongeveer even groot is als een spreeuw of een merel, valt hij volledig weg tegen de frisse geelgroene blaadjes in de boomkronen waar hij zich ophoudt. Maar hier komen we later nog op terug.
‘En horen wij die muzikant, dan is zomer in ons land’, klopt eveneens. De vogels komen van april tot mei ons land binnen en dan zijn de contactroepen goed te horen. Op de site van de Vogelbescherming staat dat de mannetjes een hobo-achtig gefluit laten horen en de vrouwtjes een gaai-achtig gekrijs.
‘Dudeljo-hoo klinkt zijn lied, dudeljo-hoo klinkt zijn lied. Dudeljo-hoo en anders niet.’ Deze onomatopee benadert vrij aardig het geluid dat je kan horen als de Wielewaal in de buurt is. Het mannetje zingt deze strofe met enige tussenpozen. Soms hoor je het geluid ook eerder in het jaar maar dan van imiterende spreeuwen.
‘Hij woont in ’t dichte eikenbos, getooid met gouden vederdos’, benadert de woonplaats in vochtige populieren- of zomereikenbossen, waar ze zich tegoed doen aan nachtvlinders en andere vliegende insecten, aangevuld met bessen en andere vruchten. Over zijn gouden vederdos hebben we het al gehad. De Engelse naam is zelfs nog meer in lijn van het liedje: Eurasian Golden Oriole. Oriole is een verbastering van aureool (of het Franse auréole), wat weer van het Griekse aureus afkomt en gouden betekent.
‘Daar jodelt hij op zijn schalmei, tovert onze harten blij’. En hoe! Als je deze tropische verrassing tegenkomt (we zitten namelijk tegen de noordgrens van zijn verspreidingsgebied aan) kan het niet anders dan dat je er vrolijk van wordt. Op trek vliegen ze langs de kust en hotspots om de Wielewaal te vinden zijn de Vlaardinger Broekpolder, de Biesbosch, Horsterwold, Lauwersbos en veel bossen op zandgrond in het oosten van het land, al zijn ze daar in de afgelopen tientallen jaren vrij sterk afgenomen.
In onze regio is de soort zeer schaars en zijn broedgevallen incidenteel. Waarnemingen zijn er het vaakst tijdens de trek.
Christophe Reijman


